SPF record instellen: stap-voor-stap handleiding

Een SPF record vertelt e-mailontvangers welke servers namens jouw domein mogen mailen. Zonder SPF kan iedereen e-mail versturen die eruitziet alsof het van jouw domein komt. Het is een van de eerste stappen in e-mailbeveiliging en relatief eenvoudig in te stellen.
In deze handleiding doorlopen we het complete proces: van inventarisatie tot publicatie, inclusief de meest gemaakte fouten.
Stap 1: Inventariseer je verzendende diensten
Voordat je een SPF record maakt, moet je weten welke servers namens jouw domein e-mail versturen. Denk aan:
- Je primaire e-mailprovider (Google Workspace, Microsoft 365, TransIP, etc.)
- Marketing tools (Mailchimp, ActiveCampaign, Brevo, etc.)
- Transactionele e-maildiensten (SendGrid, Postmark, Amazon SES)
- CRM en helpdesk tools (HubSpot, Zendesk, Freshdesk)
- Je website (contactformulieren, orderbevestigingen)
- Interne applicaties die notificaties versturen
Stap 2: Bouw je SPF record
Een SPF record is een DNS TXT-record op je hoofddomein. Het begint altijd met v=spf1 en eindigt met een all-mechanisme. Bijvoorbeeld:
De onderdelen:
- v=spf1: verplichte versie-aanduiding, moet altijd eerst staan
- include: voegt de SPF-records van een externe dienst toe. Elke dienst heeft zijn eigen include-domein (vraag het na bij je provider).
- ip4 / ip6: staat specifieke IP-adressen toe. Gebruik dit voor je eigen servers.
- ~all (softfail): e-mail van onbekende bronnen wordt als verdacht gemarkeerd. Dit is de veiligste standaardkeuze.
- -all (hardfail): e-mail van onbekende bronnen wordt geweigerd. Gebruik dit alleen als je zeker weet dat je SPF record compleet is.
Stap 3: Publiceer het record
Ga naar je DNS-beheer (bij je domeinregistrar of DNS-provider) en maak een TXT-record aan:
- Host/naam: @ (of leeg, afhankelijk van je provider)
- Type: TXT
- Waarde: je SPF record string
- TTL: 3600 (1 uur) of de standaardwaarde
Stap 4: Controleer je record
Na publicatie moet je verifiëren dat je record correct is. Controleer op:
- Syntax: begint het met v=spf1 en eindigt het met ~all of -all?
- DNS lookups: tel alle include, a, mx en redirect mechanismen. Het maximum is 10 lookups totaal, inclusief geneste includes.
- Enkel record: heb je maar één TXT record dat begint met v=spf1?
- Includes kloppen: verwijzen de include-domeinen naar de juiste diensten?
Veelgemaakte fouten
Deze fouten zien we bij honderden domeinen:
- Meer dan 10 DNS lookups: elke include telt, ook de geneste includes van die dienst. Ga je over de 10, dan faalt je SPF volledig (PermError).
- Twee SPF records: iemand voegt een nieuw record toe in plaats van het bestaande aan te passen. Beide worden ongeldig.
- Vergeten diensten: je wisselt van marketingplatform maar verwijdert de oude include niet. Elke overbodige include verspilt een DNS lookup.
- +all gebruiken: dit staat iedereen toe om als jouw domein te mailen. Gebruik nooit +all.
- Geen SPF voor subdomeinen: als je subdomeinen gebruikt voor e-mail, heeft elk subdomein een eigen SPF record nodig.
Continue monitoring
Een SPF record instellen is niet genoeg. Diensten veranderen hun IP-adressen, collega's voegen includes toe, en je kunt ongemerkt over de 10-lookup limiet gaan. MailShield monitort je SPF record continu, telt je lookups in real-time, en waarschuwt je direct als er iets verandert.
Voeg je domein toe aan MailShield en zie binnen een minuut je huidige SPF status. Gratis voor maximaal 2 domeinen.